Voorwoord door de voorzitter van de Stichting Indië Monument Deventer

zoals uitgesproken op 4 mei 2022

We zijn hier bijeen om de Deventenaren te herdenken die in de duistere periode van 1942-1949 gesneuveld zijn in Indonesië, toen nog Nederlands-Indië.
Een duistere periode voor ons. We hadden geen heldere blik meer op het geheel. Voor Nederland pasten toen weer woorden als reddeloos en radeloos.

Maar het is goed te beseffen, dat daaraan voor Indonesië een duistere periode van ruim 3 eeuwen vooraf is gegaan. Het roemloos dieptepunt was zelfs kort geleden:
de meedogenloze repressie in de aanloop tot de Tweede Wereldoorlog.

Wat voor ons een periode van duisternis was, was voor Indonesië juist een periode van grote hoop, van licht aan de horizon.

De aanleiding tot de strijd was simpel: de Britse bezettingsmacht die namens NL, een maand na de capitulatie van Japan, landde op Java.
Dàt kon toch niet de bedoeling zijn?! Indonesië wilde na afloop van de 2e WO onafhankelijkheid. Had die zelfs al uitgesproken.

Veel dienstplichtige militairen hadden daar volop begrip voor. Uit de dagboeken en verhalen weten we van gevangenen die door het Indonesische leger goed behandeld werden, en die zelfs vriendschap sloten met hun bewakers.

Maar in Nederland zelf hadden we de les van de Tweede Wereldoorlog nog niet geleerd.

Indië was bij veel Nederlanders nog: ‘onze trots’ en ‘onze bron van rijkdom’.

Veel dienstplichtigen zijn op die manier opgeofferd aan die trots, aan ons Indië: Indië verloren, rampspoed geboren.

Die Koloniale oorlog verdient inderdaad geen schoonheidsprijs: het was geen strijd van het Goede tegen het Kwade. Integendeel. Het was de strijd van een overheerser tegen een onderdrukt volk dat verlangde naar zijn vrijheid.

Was deze oorlog van de militairen? Een recente studie wekt gemakkelijk deze indruk.
Ik denk het niet.
En zeker niet alleen.

En daarbij kom ik tot de kern.
Het was de strijd om de laatste strohalm van degenen die wíj boven ons hadden gesteld. En daarmee wezenlijk van onszelf. Hoe zwaar dit ook mag klinken. Maar de pijn was er niet minder om.
Maar het is een heel harde manier om een les te leren.

En sommige landen zijn nog steeds niet zover. De huidige Oekraïense oorlog is het jongste droevige voorbeeld.

  • Als wij in staat zijn ook onze eigen duistere geschiedenis niet dood te zwijgen, maar juist onder ogen te komen en te verwerken,
  • als we onze eigen verantwoordelijkheid accepteren en niet de schuld bij de ander leggen,
  • als we onze les werkelijk geleerd hebben,

dan mag deze herdenking er volop zijn, dan krijgt dit monument meerwaarde!

Het Monument De wachtende moeder.

Een oorlogsmonument als protest tegen de oorlog.
De moeder die niet weet of haar zoon ooit zal terugkeren. De moeder die als enige lijkt te snappen dat oorlog nooit de oplossing kan zijn.

Een monument dat opvalt: niet in heldhaftigheid maar in kwetsbaarheid:
de kwetsbaarheid van de ongemotiveerde dienstplichtigen,
de kwetsbaarheid van de moeder die wacht,
de kwetsbaarheid van onszelf.

Het offer voor onze trots was groot: 5300 omgekomen Nederlandse militairen, onder wie 50 Deventenaren.

Dit monument is in 1999 opgericht voor de 14 Deventer gesneuvelde oorlogsvrijwilligers, die zich vol idealen in een avontuur hadden gestort, dat volledig anders ging uitpakken dan ze dachten. Ze hebben hun laatste rustplaats gevonden op 4 erevelden Java:
-  op de grote erevelden Kembang Koening in Soerabaja,
en Menteng Poeloe in Jakarta, waar vandaag eveneens de jaarlijkse herdenking is gehouden;
- en op de kleinere velden Pandoe in Bandoeng, en Tjandi in Semarang.
In de sokkel van het monument bevinden zich 4 urnen met aarde van deze 4 erevelden.

Het landelijk thema van deze herdenking is De Verbinding.

Wij willen met deze herdenking onze verbinding uitspreken
enerzijds met de Deventer gemeenschap,
anderzijds met de gesneuvelden, door de onmogelijke opdracht die wij hun - vanuit Nederland - gegeven hebben,
en die slechts tot mislukken gedoemd was.

Dit jaar willen wij speciaal aandacht te geven aan Coen van Straten, één van de namen op het monument. Hij maakte deel uit van een Marine patrouille, die een paar dagen voor de algehele wapenstilstand in 1949 in een hinderlaag liep van het TNI, het Indonesische leger. Coen overleefde het niet, evenmin als 6 van zijn maten, onder wie hun al te rechtlijnige luitenant.

En de overlevenden? Die kregen het op een andere wijze nog zwaar te verduren! Ze moesten zich verantwoorden tegenover het onverbiddelijke militaire gezag:
Hoe was dat mogelijk? Een zwaarbewapende elite-patrouille ten onder?? Tegen zo’n zwak Indonesisch leger??
Dàt kon niet de waarheid zijn.
Het wàs de waarheid.

Dames en heren, ik wens u een mooie herdenking toe.

 

 4 mei 2022 001  4 mei 2022 002
 4 mei 2022 003  4 mei 2022 005
 4 mei 2022 004  

Programma Herdenking 4 mei 2022

Op deze dag zullen wij de Deventenaren herdenken die in de 2e Wereldoorlog en de periode erna gesneuveld zijn in toenmalig Nederlands-Indië
De herdenking bij de Wachtende Moeder begint (kort na) 19.15

Programma: 

 19.15 - Toespraak door Joep Walter (voorzitter Stichting Indiëmonument Deventer)

 19.23 - Gedicht door Daniël Drost

 19.27 - 1 minuut stilte

 19.28 - Kransleggingen:

             door de heer Henk van Straten, nabestaande van C.R. (Coen) van Straten, namens Stichting Indië Monument

             door wethouder Frits Rorink namens de gemeente Deventer

 19.30 - Bloemlegging door belangstellenden

Na afloop in stille tocht naar het Verzetsmonument
Bij het verzetsmonument zal een krans gelegd worden door de heer Jan Verstraaten namens de Stichting Indië Monument

 

Herdenking 15 augustus 2021

Door de omstandigheden werden wij wederom gedwongen een aangepaste herdenking te houden. Een algemene publieksherdenking was niet mogelijk. Omdat de aanwezigen verplicht waren op afstand van elkaar te zitten, was het aantal stoelen dat in de beschikbare ruimte paste, maatgevend voor het aantal genodigden.
Dit jaar hebben we speciaal aandacht willen besteden aan de Molukse bevolkingsgroep, die dit jaar 70 jaar in Nederland is.

De kern van de herdenking waren een viertal toespraken door de volgende gastsprekers:

  • Wethouder Carlo Verhaar, namens de Gemeente Deventer;
  • De heer Paul Salakory, voorzitter van de werkgroep 70 Jaar Molukkers in Overijssel;
  • Mevrouw Christine Urbach namens de Stichting Indiëmonument; zij belichtte op aangrijpende wijze waarom wij nog steeds gedenken.
  • De heer Gusto Hetharie, namens de Molukse gemeenschap; hij ging in op de politieke omslag in Nederland, waarbij de Molukkers nu als veteranen worden beschouwd en de adoptie van de gemeente Deventer

Kransen en bloemstukken zijn gelegd door:

  • De heer Theo Doetawihardja en dochter Tara, namens de Molukse en Papoeagemeenschap;
  • De heer en mevrouw Schoenmaker, namens de Stichting Indiëmonument Deventer;
  • De heer Carlo verhaar, wethouder van de Gemeente Deventer;
  • De oud-mariniers van het COM, afdeling Deventer;
  • Mevrouw Josselien Verhoeve namens de Stichting Pelita;
  • Veteranen van de Stichting Deventer Veteranen.

Onder de knop FOTO-VIDEO vindt u een impressie van de herdenking.

 

Hieronder volgen de woorden van Paul Salakory:

Welkom aan iedereen die vandaag aanwezig is bij het Indië monument ter nagedachtenis aan Nederlandse en Molukse slachtoffers in Zuidoost Azië in de periode 1941 tot 1950.
Op uitnodiging van het bestuur van de Indië herdenking sta ik hier als voorzitter van de stichting ’70 jaar Molukkers in Overijssel’.
Het bestuur heeft mij gevraagd in mijn toespraak het accent te leggen op de Molukse geschiedenis.
Ik neem u daarom in het kort mee in de geschiedenis van de Molukse gemeenschap in Nederland, en in het bijzonder van Overijssel.
Ik wil daarbij graag ingaan op het verleden, het heden en de toekomst.

Op 21 maart 1951 kwam het schip de Kota Inten als eerste aan bij de Loyddkade in de haven van Rotterdam. Aan boord waren Ambonese KNIL-militairen, die op dienstbevel naar Nederland kwamen. In totaal zouden er twaalf schepen aankomen met 12.500 Molukkers. Op het moment dat zij voet aan wal zetten, begon de geschiedenis van de Molukkers in Nederland. Toen nog dachten de militairen dat het een tijdelijk verblijf zou zijn. Maar het is anders gelopen. In dit jaar, 2021, herdenken we dat Molukkers 70 jaar in Nederland zijn. De toezegging die Molukkers in 1951 is gedaan, namelijk een verblijf van een half jaar in Nederland, is nooit waargemaakt.

De 1e generatie Molukkers werd weggestopt in voormalige concentratiekampen. Ze mochten niet werken om zelf in hun levensonderhoud te voorzien en werden ver van de ‘beschaafde wereld’ gehuisvest. Dat heeft ontzettend veel leed opgeleverd, waarvan tot op de dag van vandaag de naweeën voelbaar zijn. Het was in het begin van de jaren ’60 dat Molukkers verhuisden van de barakkenkampen naar de zogenoemde Molukse wijken. In 1960 ontstond de eerste Molukse woonwijk in Appingedam. In Overijssel werden in 1961 de eerste drie wijken gebouwd. Tussen 1961 en 1966 ontstonden de overige wijken. Overijssel telt 7 gemeenten met Molukse woonwijken. Dat zijn: Almelo, Deventer, Nijverdal, Rijssen Staphorst, Wierden en Zwolle. Na een paar jaar wonen in de Molukse wijken kwam bij Molukkers het besef dat het tijdelijke verblijf een permanente vestiging was geworden.
Tijden veranderen, maar het hart van een Molukse wijk is en blijft hetzelfde. Nagenoeg alle Molukse wijken hebben een eigen kerkgebouw. Later kwam daar ook een stichtingsgebouw voor samenlevingsopbouw bij. Tot op de dag van vandaag vormen die twee pijlers het hart van de Molukse samenleving.

Suriname was, net zoals de Molukken en andere Indonesische eilanden, een kolonie van Nederland. Wijlen koningin Juliana zei op 25 november 1975 bij de onafhankelijkheid van Suriname, dat élk volk recht heeft op onafhankelijkheid. Haar uitspraak zette kwaad bloed bij ons, Molukkers. Want waar is ónze onafhankelijkheid? Hebben wij daar dan geen recht op? De Molukkers hebben gestreden en geleden voor en door de Nederlandse driekleur. Molukkers zijn ervoor gestorven. Wat onze ouders is overkomen…. ..de pijn en het verdriet is met geen pen te beschrijven.
Nederland is in de koloniale periode rijk geworden onder andere door te moorden, in de drang om de monopolie positie in de Archipel te behouden. Onder geen beding wilde ze die kwijtraken. De specerijen zoals kruidnagel, nootmuskaat en foelie waren goud voor Nederland.
Nederland was bereid om daar heel ver in te gaan en dan denk ik met name aan de Banda-eilanden. In de periode 1600 tot 1621 is daar door Nederland veel geweld gebruikt en onder aanvoering van Jan Pieterszoon Koen een bloedbad aangericht.
Ik heb mijn zoon geleerd wat hij moet zeggen als anderen hem vragen wie of wat Molukkers zijn. ‘Vertel hen wie je bent en waarom we hier zijn. Vertel hen dat Molukkers degene zijn die een hele grote bijdrage hebben geleverd aan de Gouden Eeuw van Nederland.

De eerste generatie Molukkers in Nederland heeft geen enkele kans gehad om zich in Nederland te ontplooien.
De tweede generatie, waar ik ook toe behoor, waren pioniers en moesten alles zelf uitvinden. Veel keuze in scholing hadden we niet. De keuze die we kregen was: ambachtsschool, huishoudschool, ULO of werken, veelal in de fabriek. Daar hield het bij op.
Vandaag de dag zijn de 3e en 4e generatie Molukkers in Nederland volop met hun toekomstperspectief bezig. Ze laten de mogelijkheden om hier een mooie toekomst op te bouwen zeker niet onbenut. Ze hebben meer kansen en mogelijkheden en betere scholing.
Dat was de tweede generatie helaas niet gegund. Ik heb vertrouwen in volgende generaties en kijk met veel waardering naar het ondernemerschap dat de derde en vierde generatie laat zien.
Maar toch, voor de tweede generatie Molukkers in Nederland blijft de pijn uit het verleden aanwezig. Het zit diep. We hebben het leed in de ogen van onze ouders gezien en zullen dat nooit meer vergeten. Ook bij de nu nog levende 1e generatie zien we nog steeds de pijn die hen is aangedaan.

Tot slot
Het doel van de stichting 70 jaar Molukkers in Overijssel is het Molukse verhaal te blijven vertellen en door te geven. We willen de geschiedenis levend houden. Onze gezamenlijke geschiedenis vormt een belangrijke basis voor onze gezamenlijke toekomst.
Voor de ene Molukker is Nederland een opgedrongen thuis geweest (en misschien nog steeds wel). Voor de derde en volgende generaties is Nederland het land waar zij geboren en opgegroeid zijn. Maar Molukkers van álle generaties kunnen zich pas echt thuisvoelen als er afgerekend wordt met de verbroken belofte in het verleden.
Dat is óók de titel van het boek dat de stichting 70 jaar Molukkers in Overijssel op zaterdag 4 september presenteert op de Provinciale Herdenkingsdag in Nijverdal. Ter gelegenheid van 70 jaar Molukkers in Overijssel hebben we ook een reizende expositie en een scholenproject gerealiseerd. De Molukse geschiedenis moet blijvend verteld worden. Verzoening is daarbij het sleutelwoord. Want verzoening draagt in sterke mate bij aan een veilig thuisgevoel voor iedereen.

 

 

De Vlag Uit op 15 augustus

Voor miljoenen binnen het Koninkrijk der Nederlanden was 75 jaar geleden de oorlog nog niet voorbij. Zij moesten nog tot 15 augustus 1945 volhouden toen er met de capitulatie van Japan officieel een einde kwam aan de Tweede Wereldoorlog.
Op 15 Augustus wordt er officieel uitgebreid gevlagd vanaf Rijksgebouwen om het formele einde van de Tweede Wereldoorlog te eren.

Wij zullen het zeer waarderen indien U ook op 15 augustus de vlag in top uithangt.









 

 

Jaarlijkse herdenking 4 mei

Programma 4 mei 2019 Herdenking te Deventer bij het Indië Monument “De Wachtende Moeder”

19.10  Verzamelen bij het Monument.
19.15  Aanvang met toespraak door Joep Walter, voorzitter van de
Stichting Indië Monument Deventer.
19.22  Toespraak door Dorien Tarmastin, directeur van de Deventer leerschool
19.27  Voordracht gedicht door een leerling van de Deventer Leerschool
19.30  Twee minuten stilte (staande).
19.32  Muzikale bijdrage van Lea Pijnappels.
19.36  Voordracht gedicht door een leerling van de Deventer Leerschool
19.39  Kranslegging door Piet Tillema, veteraan, namens de nabestaanden en namens de Stichting Indië Monument Deventer.
Kranslegging namens de gemeente Deventer
Kranslegging door leerlingen van de Deventer Leerschool
Bloemlegging door belangstellenden.
19.45 Sluiting.

 

Jaarlijkse herdenking 15 augustus

HERDENKINGSPROGRAMMA BIJ HET INDIE MONUMENT ‘DE WACHTENDE MOEDER’ donderdag 15 augustus 2019 ter nagedachtenis aan Nederlandse- en Molukse slachtoffers in Zuidoost Azië 1942 - 1950

Thema: ” Brandend verlangen”
Oorlog voelt als eindeloze ellende. Wanneer houdt het op, komt er vrede? 75 jaar geleden in
Nederlands- Indie was die vrede nog heel ver weg. Er was het brandende verlangen om je
geliefden terug te zien. Het brandende verlangen naar een betere toekomst, naar een wereld van
vrede en veiligheid.

19.20  Ontvangst genodigden en belangstellenden (ceremoniële muziek);
19.30  Opmars Erewacht scoutinggroepen President Steyn en Titus Brandsma;
19.35  Opening door Joep Walter, voorzitter Stichting Indië Monument Deventer
Welkomstwoord van de kant van de Molukse- en Papoea gemeenschap in Deventer;
19.45  Een woord vooraf namens de gemeente Deventer door wethouder Frits Rorink;
19.52  Muzikale bijdrage door Paula Matitaputty;
19.57  Mevrouw Christel Simons draagt een gedicht voor;
20.00  Instrumentaal: “Blijf mij nabij” – “Tinggal Sertaku”
20.05  Lezing door de heer Theo Bakhuizen, gemeentesecretaris van de Gemeente Deventer ten tijde van
de oprichting van het Indie Monument Deventer, nu 20 jaar geleden;
20.15  Signaal Taptoe (men gaat staan)
2 minuten stilte
Signaal Voorwaarts
Wilhelmus (vlag in top)
Kranslegging
1. Molukse- en Papoea gemeenschap
2. Stichting Indië Monument Deventer door Ton en Eveline Keulemans
3. Gemeente Deventer door wethouder Frits Rorink
4. Oud mariniers COM afdeling Deventer
5. Bloemlegging belangstellenden

20.25  Muzikale bijdrage door Paula Matitaputty
20.30  Einde plechtigheid.